Les 1: Het begin.

De eerste worsteling waar ik tegen aanloop, ten opzichte van dit project, is de vraag of ik begin aan het begin of begin aan het einde. Als ik begin aan het einde dan wordt het een lekker kort project, maar het voordeel van beginnen aan het begin is dat ik de lezer — dat ben jij — langzaam kan leren ruiken aan de onwaarheden uit het verre verleden die we allemaal voor waar hebben aangenomen.

Deze onwaarheden zijn ons, toen we kinderen waren, verteld door volwassenen — ouders en leraren — en we konden niet anders dan aannemen dat zij meer wisten dan wij. Zij wisten hoe het zit en wij ‘nog’ niet. We doorlopen onze middelbare scholen en onze universiteiten in de blinde overtuiging dat die leraren en die professoren weten waarover ze het hebben en — vooral! — dat wat ze ons vertellen een bewezen waarheid is.

Als kind hebben we niet de keuze om niet blind te vertrouwen op wat de volwassenen om ons heen ons vertellen — we kunnen niet anders dan aannemen dat ons de waarheid wordt verteld — en tegen de tijd dat we als mens in staat zijn om voor onszelf te denken en hetgeen dat ons aangeleverd wordt te wantrouwen, zijn we al zo gehersenspoeld dat dit ‘voor onszelf denken’ geen optie meer is, simpelweg omdat ons dit nooit is geleerd. In eerste instantie zijn we niet in staat om voor onszelf te denken, omdat we baby’s zijn en volledig afhankelijk van de volwassene die ons beschermt en voedt, en op geen enkel moment daarna is het ons geleerd of is ons verteld dat het een optie zou kunnen zijn.

Zolang we in de maalstroom van het onderwijs zitten, zal het niet in ons opkomen om wat we leren of onze leraren in twijfel te trekken en na de schooltijd of de studie zullen de meeste mensen het arbeidsproces instappen en geen tijd hebben of nemen om na te denken over wat hen is geleerd en of dat allemaal wel echt waar is. Het maakt ook niet zoveel uit, zullen de meeste mensen redeneren, want ze gebruiken wat ze geleerd hebben toch niet in het dagelijkse leven en ze leerden het alleen maar om de diploma te halen. Wat ze hierbij over het hoofd zien is hetgeen ze niet en nooit hebben geleerd, namelijk: voor zichzelf denken, en dat ze daartoe nog steeds niet in staat zijn. De leraren en professoren worden vervangen door kranten, televisie en de eveneens geïndoctrineerde vriendenkring en gelijkgestemden.

Een simpele conclusie, wanneer je voor jezelf serieus en eerlijk nadenkt over de volwassenen, leraren en professoren ten opzichte van de eerste periode van je leven — je opvoeding, je schooltijd en je studie — en de kranten, televisie, vrienden en gelijkgestemden daarna, is dat ook zij blind hebben aangenomen wat de volwassenen, leraren en professoren in hun tijd hen hebben geleerd die, op hun beurt, weer hebben nagepraat wat de volwassenen, leraren en professoren in hun tijd hen hebben geleerd… et cetera tot aan het begin der tijden.

Alles wat ons is geleerd en wat we voor waar hebben aangenomen bestaat alleen maar uit aangenomen waarheden waarvan de bron niet meer te achterhalen is en dat is waar we ons wereldbeeld en onze realiteit op baseren, terwijl we het er allemaal over eens zijn dat tijdens een rechtszaak ‘een aangenomen waarheid zonder bron’ niet genoeg is om een veroordeling af te dwingen.

Het lijkt er op dat ik ga beginnen bij het begin.

(Lees verder…)

Advertenties